Landstorm Nederland   Wachbataillon 'Nordwest'

SS-Wachbataillon 'Nordwest' (later: SS-Wachbataillon 3)

Opgericht: 01-01-1942

Aangezien de eenheid later zou opgaan in Landstorm Nederland kan aan de geschiedenis van het SS-Wachbataillon Nordwest op deze site niet voorbij worden gegaan. Bovendien bestond Nordwest voor een aanzienlijk deel uit Nederlanders. Op 1 januari 1942 werd SS-Wachbataillon Nordwest opgericht. De manschappen vielen onder het commando van de Waffen-SS en droegen ook het uniform van de Waffen-SS (SS-runen en Hoheitsabzeichen). Naast Nederlanders (17-40 jaar) diende er ook Oekrainers (steevast aangeduid als Russen) in de eenheid.

Onder het bevel van SS-Obersturmbannführer Paul A. Helle hield de eenheid zich bezig met de buitenbewaking van de Nederlandse concentratie- en interneringskampen. De Befehslhaber der Sicherheitspolizei und des SD was verantwoordelijk voor de binnenbewaking. Commandant Helle had al ervaring opgedaan waar het ging om de bewaking van het kamp Amersfoort. De in april 1941 opgerichte Stabskompanie der Waffen-SS beim Höheren SS- und Polizeiführer stond vanaf september 1941 onder het bevel van Helle. Deze eenheid die enkel uit Duitsers bestond, werd in die tijd al ingezet voor de bewaking van het Polizeiliches Durchgangslager Amersfoort. Toen het SS-Wachbataillon Nordwest werd opgericht, ging de Stabskompanie geleidelijk over in deze nieuwe eenheid.

Wachbataillon Nordwest bestond uit een Stab en zes Kompanien. De eerste en tweede (werd opgeleid als Einsatz Kompanie en slechts gedeeltelijk ingezet) bewaakten Polizeiliches Durchgangslager Amersfoort waar ook de Stab gelegerd was, de derde bewaakte het kamp met de gijzelaars in St.Michielsgestel, de vierde en vijfde bewaakten het kamp Vught en de zesde Kompanie was belast met de bewaking van Haaren. Aanvankelijk was er ook een Kompanie toegewezen aan het kamp Westerbork, maar dit vond om onbekende redenen geen doorgang. Vermoedelijk werd de Kompanie toen in de vesting Scheveningen-Clingendaal gelegerd waar de mannen werden voorzien van pantserafweergeschut. De Kompanie was nu een garnizoenseenheid en kreeg de naam SS-Panzerjägerkompanie 'Nordwest'.

Het SS-Wachbataillon Nordwest kende geen strenge toelatingseisen. De Nederlandse manschappen werden op alle mogelijke wijzen bij elkaar gesprokkeld: via advertenties maar ook door actieve werving. Het werkterrein van de ronselaars strekte zich uit van psychiatrische inrichtingen tot gevangenissen. Het Wachtbataillon werd dan ook, zoals Lou de Jong dat schreef, 'een ongeregelde, bandeloze troep'. Aangezien de vraag naar manschappen zo groot was, stelde de keuring voor het Wachbataillon weinig voor. Ook voor de frontdienst afgekeurde manschappen konden daarom bij het Wachbataillon terecht. Daarnaast was de eenheid aantrekkelijk voor bepaalde mannen die de gedwongen tewerkstelling in het kader van de Arbeitseinsatz wilden ontlopen en bovendien geen risico wilden lopen om naar het Oostfront te worden gestuurd (toch moesten er wel degelijk manschappen naar de 5.SS-Panzer-Division 'Wiking' aan het Oostfront). Het mag duidelijk zijn dat deze vrijwilligers destijds niet als aanwinsten voor het Bataillon moeten worden beschouwd, het ontbrak hun immers aan motivatie en politieke overtuiging. Al met al was het dus met de kwaliteit van het Wachbataillon slecht gesteld.

Al snel kwamen de eerste klachten binnen bij de Feldgendarmerie (Duitse militaire politie). Bepaalde contingenten van Nordwest maakten zich schuldig aan roof en plundering. Kommandeur Paul Helle verklaarde dat zijn mannen te weinig sterke drank en versnaperingen hadden ontvangen en daarom een abnormaal gedrag hadden vertoond. Uiteindelijk werd Helle (als verantwoordelijk officier) vreemdgenoeg door Himmler van verdere vervolging ontslagen. Dit betekende echter niet dat het wangedrag van de Wachmannen slechts incidenteel van aard van was. Rauters (Höhere SS-und Polzeiführer) Untersuchungsrichter verklaarden na de oorlog:

'de criminaliteit in dit bataljon is bijzonder groot geweest, ook wanneer ik bij deze beoordeling afzie van de zuiver militaire delicten (desertie, afwezigheid zonder verlof, weglopen van de wacht, ongehoorzaamheid enz.). Met deze militaire delicten erbij is zij bij het Wachbataillon even groot geweest als bij alle Duitse eenheden van de Waffen-SS en de politie bij elkaar... Bij de mannen van het Wachbataillon kwamen zo ongeveer alle elementen uit het gewone strafrecht voor, zoals diefstal, bedrog, verduistering, plundering, onbevoegde huiszoeking en toeëigening van andermans zaken, afpersing enz.'.

Door het afstaan van 170 bekwame manschappen, aan het IJsselmeerflottielje, 100 aan de Landwacht en 150 aan 'Stützpunkt Clingendaal': ter vorming van een tweede schwere Kompanie, ging de kwaliteit van het Wachbataillon nog verder achteruit. In 1944 zou de eenheid daar de zure vruchten van plukken.

Op 17 september 1944 toen Operation 'Marketgarden' van start ging, was zuidelijk Nederland al gedeeltelijk bevrijd door de geallieerden. De daar geplaatste Kompanien (derde, vierde, vijfde en zesde) van het Wachbataillon Nordwest waren daarom naar Amersfoort overgeplaatst. Op 17 september werd Nordwest op bevel van Rauter klaar gemaakt om tegen de geallieerde para's te worden ingezet. Het Wachbataillon, zeshonderd man sterk, werd ingedeeld bij de eenheid van Von Tettau, 'de Westgruppe', en moest de langs de noordelijke oevers van de Rijn de aanvallen opvangen. Samen met nog enkele andere eenheden was het SS-bataljon verantwoordelijk voor de verdediging van de oostelijke sector van het strijdgebied.

In de gevechten met de para's, sterke elite-troepen, kwam de beperkte gevechtswaarde van Nordwest duidelijk naar voren. De eerste inzet volgde op de avond van 17 september 1944 toen verkenningseenheden van Nordwest patrouilles uitvoerden. De harde klappen zouden echter pas de volgende dag vallen.

 
De kampen waar 'Nordwest' ingezet zou worden (de plaatsing in de buitenbewaking van Westerbork ging uiteindelijk niet door).
Op 18 september 5.00 uur raakte Nordwest bij Ede slaags met het zevende bataljon Kings Own Scottish Borderers dat een dag eerder was ingezet om de Ginkelse Heide te verdedigen. Op de achttiende arriveerde daar ook nog eens de vierde Britse Parachutisten brigade, Nordwest kreeg het zwaar te verduren.

De manschappen waren niet opgeleid om te vechten hetgeen velen ertoe bracht om er tussen uit te knijpen. Ook de gedachte tegen de westelijke geallieerden te moeten vechten, stuitte velen tegen de borst. Op de Ginkelse Heide bij Ede ontstond volgens een naoorlogse verklaring van de adjudant van Helle, Naumann een man tegen man gevecht met de Britse paratroepen welke als elitesoldaten mochten worden beschouwd. Met bajonetten, pionier schoppen en messen zou men elkaar te lijf zijn gegaan. Echter deze versie van het verhaal is door de Britten nooit bevestigd. Buiten kijf staat dat Nordwest zware verliezen leed. Maar liefst tweehonderd mannen waren in het gevecht uitgeschakeld en ongeveer tweehonderd hadden de benen genomen. De 1.Kompanie was gevlucht, de 3.,4. en 5.Kompanie waren met zware verliezen naar het noorden teruggetrokken en de 6.Kompanie was door de Britten gevangen genomen. Nordwest was daarmee gedecimeerd tot circa een derde van de oorpronkelijke gevechtssterkte.

Commandant Helle werd vanwege zijn tekortschietende militaire capaciteiten ter plekke van zijn commando ontheven. Overigens keerde hij in oktober alweer terug bij het Bataillon, ditmaal om zich bezig te houden met het uitvoeren van razzia's, klopjachten op geïsoleerde geallieerde para's en plunderingen. Helaas bleek hij hiervoor wel geschikt. De 'Westgruppe' waar Nordwest toe behoorde, was er, ondanks de slachtpartij onder het Bataillon, echter wel in geslaagd om de Britse Airbornes van de heidevelden te verjagen. Nadat in oktober nog was deelgenomen aan enkele razzia's, (waaronder de beruchte razzia in Putten waarbij vele Puttenaren indirect de dood werden ingejaagd), werden de restanten van het SS-Wachbataillon ingedeeld bij Landstorm Nederland. Kommandeur Helle, inmiddels aangeklaagd bij het SS- und Polizeigericht, werd terug geroepen naar Duitsland.

Delen van het Wachbataillon maakte zich diverse malen schuldig aan het plegen van oorlogsmisdaden. In de periode 26 juli tot 6 september 1944 hebben manschappen van de eenheid deelgenomen aan honderden executies in het kamp Vught. Sommige Wachmänner konden echter nog wel eens worden omgekocht door de gevangenen waardoor het leven iets draaglijker werd. Een ex-gevangene verklaarde:

'met verschillende van die kerels stonden we op goede voet. Zo mochten we overdag niet roken, maar we deden dat toch. Dan stopten we zo'n SS'er een pakje sigaretten toe en hij ging dan op de uitkijk staan. Kwam er een Duitser aan, dan riep hij: "Jongens, daar heb je weer zo'n klerelijer" en dan waren wij weer gewaarschuwd. Die SS'ers vraten van twee wallen' (De Jong, dl.8, 609).

De behoefte aan sigaretten bij de Wachmänner kon er echter ook voor zorgen dat er extra slachtoffers onder de gevangenen vielen. Wie in het kamp te dicht bij het prikkeldraad kwam en de waarschuwingen negeerde, moest rekening houden met een salvo afkomstig uit het wapen van een buitenbewaker. De verantwoordelijke SS-man kon met het verijdelen van een dergelijke 'ontvluchtingspoging' drie dagen verlof, extra sigaretten en drank verdienen. Wanneer de leiding echter lucht kreeg van een dergelijke handelswijze dan konden de schuldigen zwaar worden gestraft, zelfs opsluiting in het concentratiekamp Dachau behoorde dan tot de mogelijkheden (Kommandeur Helle nam dergelijke maatregelen overigens zelden).

De behoefte aan alcoholische versnaperingen werd er echter niet minder om. Op 11 augustus toen 38 mensen in Vught voor het vuurpeloton werden geplaatst, zouden er ook Nederlandse SS'ers van het Bataillon zijn geweest die zich vrijwillig meldden, enkel voor sigaretten en een fles jenever. Zelfs in SS-kringen had het Wachbataillon Nordwest een slechte naam die bovendien nog versterkt schijnt te zijn door de arrogante en incompetente houding van de Stab en Kommandeur.

In november 1944 werd het Bataillon ook nog ingezet bij de grote razzia in de Noord-Oostpolder. Kort daarna ging het Wachbataillon over in het SS-Grenadier Regiment 84 van de Landstorm Nederland. De misdaden gingen helaas gewoon door. Manschappen van het SS-Grenadier Regiment 84 schoten tientallen Nederlandse burgers, die in hun Sperrgebiet werden aangetroffen, zonder pardon dood.

Structuur:
Totale sterkte: zeker 1200 man
Kommandeur: SS-Ostubaf. Paul Helle
Adjudant: SS-Ustuf. Albert Naumann
IVb: SS-Ostuf. Dr. Gerard Dijkema, Truppenarzt Leg.-Ostuf. Johannes Toolenaar
Jagdkommando (ook bekend als Spielmannszug): SS-Uscha. Sackel
1.Kompanie: SS-Hstuf. Ludwig Henrig, SS-Ostuf. Wilhelm Fernau, SS-Ostuf. Johannes Bronkhorst
2.Kompanie: SS-Hstuf. Friedrich Ziegler
3.Kompanie: SS-Ostuf. Karl Hink
4.Kompanie: SS-Hstuf. Ernst Bartsch (tevens plaatsvervangend Kommandeur)
5.Kompanie: ? Kühne
6.Kompanie: SS-Ostuf. Wilhelm Fernau
schwere Kompanie: SS-Hscha. Einenkel
functie onbekend: SS-Ustuf. Paul Scheers
Rauter (voor) op bezoek bij Wachbataillon Nordwest, achter hem Kommandeur Helle.

Bronnen: (zie literatuur voor volledige titels) N.K.C.A. in 't Veld, De SS en Nederland; L. de Jong, Het koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog; J. Vincx en V. Schotanius, Nederlandse vrijwilligers in Europese krijgsdienst; Van der Zee, Voor Führer volk en vaderland; Keizer, Dienen onder het hakenkruis; C.E.H.J. Verhoef, De slag om de Ginkelse Heide 17 en 18 september 1944; John P. Moore, Führerliste der Waffen-SS.



  Tekst: EM © 2000 - 2009 vragen en/of opmerkingen: mail
  The symbols on this site serve no political or ideological purpose. The author has no intention to promote any political or ideological ideas.